| bebop | |
|
Naarmate bigbands
populairder worden, worden ze niet alleen minder origineel, maar ook
commerciëler. Een nieuwe generatie muzikanten, goed opgeleid, ziet niets
meer in de grote, logge bands. Zij willen de muzikale grenzen verleggen
door hun virtuositeit te etaleren. Kleine groepen zijn doorvoor veel
geschikter. De 'revolutie' kreeg de naam Rebop dat werd
uiteindelijk Bebop of kortweg Bop. De naam is afgeleid van
het meezingen van de melodie met woordloze klanken (scat of scatten).
Een van de opvallendste veranderingen was de plaats van het slagwerk;
het diende niet alleen maar als ritme-instrument, maar kreeg een veel
prominenter rol op de voorgrond. Bekende Bopdrummers als Kenny Clarke en
Max Roach zorgden door hun onverwachte accenten voor onvoorspelbare
situaties, die de muziek levendig en spannend maakten. De accenten op de
basdrum werden, wellicht als gevolg van de oorlog, aangeduid als dropping bombs.
Saxofonisten en trompettisten kregen de ruimte om
uitgebreid te soleren. Wat bleef van de bigbandtijd waren de walking
bass; de bassist die zorgde voor een doorgaande cadans en de riffs.
Door de uitgebreide mogelijkheden om binnen de setting van een kleine
bands te soleren werden muzikanten steeds virtuozer. Inventiviteit,
creativiteit, complexiteit; allemaal kenmerken van de nieuwe stroming.
Veel musici kwamen na hun concerten (After Hours) bijeen om samen
geïmproviseerde muziek te maken, de jam sessions. In Minton
Playhouse (New York) hadden begin jaren veertig pianist
Thelonious Monk en drummer Kenny Clook Clarke hun thuisbasis. Er waren
regelmatig After Hourconcerten met als gasten trompettist Dizzy Gillespie
en altsaxofonist Charlie Parker. Vaak was daar ook Charlie Christian,
elektrisch gitarist (!), te vinden. In Minton's Playhouse is in
feite de basis gelegd voor de Bebop. Daarna verhuisde de muziek letterlijk
naar 52nd Street. Een straat met veel bars. Grootste aanstichter van de
nieuwe stroming was Dizzy Gillespie, een eer die vaak onterecht aan
Charlie Parker toegedicht wordt. |
![]() l-r: Thelonious Monk, trompettisten Howard McGhee en Roy Eldridge en Teddy Hill (eigenaar van Minton's Playhouse).
onder: |
![]() Charlie Christian - Max Roach - Dizzy Gillespie |
|
![]() Thelonious Monk en Charlie Parker |
|